Op de grotere stations is er assistentie aanwezig die behulpzaam kan zijn om die ruimte met een hulpmiddel te overbruggen. Op kleinere stations is die assistentie niet aanwezig en wordt blijkbaar de machinist van de trein geacht te helpen met een op de trein aanwezig hulpmiddel. Die heeft daar echter niet altijd zin in / tijd voor, zo blijkt.

Dit roept bij de fractie van GroenLinks de volgende vragen op:

1) In hoeverre is het college zich bewust van deze situatie? Is dit met Arriva besproken in reguliere overleggen? Het blijkt uit het artikel dat Arriva zelf wel kennis heeft van dit probleem.

2) Als concessieverlener dient de provincie garant te staan voor inclusief openbaar vervoer, dus ook voor mensen die met hulpmiddelen reizen. Het probleem zoals geschetst in het artikel lijkt ons redelijk eenvoudig te verhelpen met een kleine aanpassing aan de bestaande treeplank, namelijk een stuk dat verder uit kan klappen indien nodig. Ondanks dat de dieseltreinen naar verwachting nog maar kort dienst doen een bescheiden investering met groot maatschappelijk rendement. Gaat het college zich hard maken om dit te realiseren? Op wat voor termijn?

3) De dieseltreinen worden naar verwachting in 2024 uitgefaseerd en vervangen door elektrische FLIRT-treinen. Kunnen we er van op aan dat deze treinen niet met hetzelfde euvel, het niet naadloos aansluiten op een perron, gaan kampen? Is het mogelijk om daar al op voorhand een oplossing voor toe te passen?

Wij zien uit naar de beantwoording van de vragen binnen de daarvoor gestelde termijn. Pepijn Baneke, Statenlid GroenLinks