In de afgelopen periode is in onze samenleving uitgebreid gediscussieerd over de AOW. Ook nu links en rechts de verschillende partijprogramma's voor de komende vier jaar verschijnen is het een hot issue.
Zondag 18 april aanstaande neemt ook het GroenLinks congres een besluit over haar verkiezingsprogramma, waar het AOW thema een belangrijk onderdeel van is.
Kees Schröer, lid Provinciale Staten van Limburg voor GroenLinks, neemt vooraf het initiatief door een uitgebreide visie neer te leggen. Als het aan hem ligt wordt de passage over de AOW vervangen door een andere.
Het ontwerp verkiezingsprogramma van GroenLinks heeft binnen en buiten GroenLinks opschudding veroorzaakt door voor te stellen om de hoogte van de AOW-uitkering aan het arbeidsverleden te koppelen. Begrijpelijk, want het is een ondeugdelijk, onbillijk en onuitvoerbaar plan.
De AOW is een volksverzekering die in de jaren vijftig van de vorige eeuw in het leven is geroepen om te voorkomen dat Nederlandse burgers bij het bereiken van de ouderdom gepaard gaand met een verminderd vermogen tot inkomensvormende arbeid in armoede zouden gaan verkeren en uit zichzelf een beroep zouden moeten doen op financiële ondersteuning als gunst van de overheid. Daarom is er met de AOW een recht op inkomen voor ouderen ingevoerd ongeacht arbeidsverleden, actueel vermogen tot inkomensvormende arbeid en actueel inkomen of vermogen. Het voorstel van de programmacommissie van GroenLinks om de hoogte van de AOW te koppelen aan arbeidsverleden met beperkte uitzonderingen gaat dus geheel voorbij aan waar de AOW in de kern voor bedoeld is.
In het voorstel wordt de hoogte van de AOW en daarmee het inkomensminimum van ouderen gekoppeld aan het aantal gewerkte jaren en het aantal jaren dat een uitkering is ontvangen op grond van een werknemersverzekering. Het aantal jaren dat er geen betaalde arbeid wordt verricht of arbeid tegen een inkomen dat minder is dan de helft van het minimumloon, omdat voor kinderen tot 5 jaren wordt gezorgd of voor zieke familieleden, vrienden of kennissen, telt voor de helft mee en leidt dus tot een korting op de AOW van ruim 1% per zorgjaar. Dagstudenten ouder dan 22 jaar, ouders die ten behoeve van zorg van hun kinderen boven de vijf jaar hun baan opzeggen, mantelzorgers die niet erkend worden of mensen die om een andere reden een tijdje geen betaalde arbeid willen verrichten worden per jaar dat zij in die situatie verkeren met ruim 2% op hun AOW gekort. De totale korting op de AOW kan fors oplopen, valt bovendien samen met een lagere pensioenopbouw en treft daarom vrouwen in lager betaalde beroepen en kleine zelfstandigen met of zonder personeel het hardst. Het vooruitzicht voor mensen die vanaf 18-jarige leeftijd in zware beroepen werkzaam zijn, om bij het bereiken van de 63-jarige leeftijd met volledig pensioen te gaan wordt hen ontnomen omdat zij door de koppeling van de AOW aan het arbeidsverleden al een dusdanige korting op de AOW incasseren dat deze alleen deels ingelopen kan worden door toch maar langer door te werken.
Met de koppeling aan arbeidsverleden wordt een grote groep burgers dubbel benadeeld omdat de korting op de AOW samenvalt met een lagere pensioenopbouw. Dat vormt de eerste onbillijkheid. Waarom moeten mensen dubbel gestraft worden voor een vermeend gebrek aan inzet in de vorm van betaalde arbeid? Waarom moet een echtpaar met een zwaar gehandicapt kind gestraft worden dat besluit er voor een liefdevolle verzorging van hun kind goed aan te doen dat een van beide thuis blijft ook nadat dat kind vijf jaar is geworden, een strafkorting op de AOW ontvangen die op kan lopen tot tientallen procenten? Waarom moeten mensen die via een VMBO-MBO traject er alsnog in slagen hoger onderwijs te kunnen volgen gekort worden op hun AOW? Waarom moeten studenten geneeskunde, waarvan de studieduur op grond van Europese regelgeving zes jaar bedraagt, al bij voorbaat met ongeveer 5% gekort worden op hun AOW? Is dat billijk in de wetenschap dat een succesvolle bankier die zonder vertraging zijn universitaire studie op 22-jarige leeftijd heeft kunnen afronden en op wie geen beroep is gedaan om zorg te dragen voor kinderen ouder dan 5 jaar of ernstig zieke familieleden, wel de volle AOW uitkering ontvangt?
Over de uitvoerbaarheid van het voorstel kunnen we kort zijn. Het leidt tot een enorme administratie met alle bijbehorende kosten om de levensloop van elke inwoner van Nederland vanaf 18 of de leeftijd van immigratie nauwgezet te registreren. Elke onderbreking van betaalde arbeid en/of uitkering op grond van een werknemersverzekering dient nauwkeurig geadministreerd te worden en vervolgens per jaar of misschien wel per maand of per dag wat in die tussentijden plaats heeft gevonden.
De programmacommissie van GroenLinks slaat door met haar voorstel tot hervorming van de AOW. Door op deze wijze de economische onafhankelijkheid van vrouwen te willen bevorderen, bewijst zij dezelfde vrouwen allesbehalve een dienst. Het plan is ineffectief. We hoeven ons niet de illusie voor te houden dat mensen, vooral op jongere leeftijd, bij keuzes tussen betaalde arbeid, studie of zorgtaken de gevolgen voor de hoogte van hun AOW-uitkering in de verre toekomst, bij hun beslissingen gaan betrekken. Het voorstel komt in feite neer op een achteraf opgelegde strafkorting.
Het valt te hopen dat het partijcongres van GroenLinks op 18 april dit ondeugdelijk AOW-plan naar de prullenmand verwijst. Er zijn betere alternatieven in omloop.
Kees Schröer
Lid Provinciale Staten van Limburg voor GroenLinks
In de bijlage treft u het volledige discussiestuk aan :
Kees Schröer geeft zijn visie t.a.v. het AOW standpunt van GroenLinks